Onderwijsdoelen De boom in!
Onderwijsdoelen De boom in!
1. Nieuwe einddoelen (minimumdoelen kleuteronderwijs, 4de & 6de leerjaar)
1.1. 4de leerjaar
1.1.1.Muzische vorming
1.1.1.1. Domein overschrijdend
o Beschouwen
· De leerlingen kunnen het onderwerp, de bedoeling en hun eigen interpretatie van een artistieke en een muzische creatie verwoorden.
o Repertorium
· De leerlingen kunnen enkele kunststromingen en artistieke creaties verkennen.
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kunnen technieken/vaardigheden van de vijf muzische domeinen gebruiken.
· De leerlingen kunnen vormgevingsmiddelen van de vijf muzische domeinen gebruiken:
- beeld: de waterverf, de plakkaatverf
1.1.1.2. Beeld
o Bouwstenen
· De leerlingen kunnen figuren weergeven met omtreklijnen.
· De leerlingen kunnen stofuitdrukking in het beeldend werk weergeven.
1.1.2. Nederlands
1.1.2.1. Mondeling taalgebruik
o Spreken, presenteren en vertellen
· De leerlingen kunnen ideeën, gedachten en verworven inzichten samenhangend formuleren.
o Mondelinge interactievaardigheden
· De leerlingen kunnen doelgericht deelnemen aan mondelingen interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- inspelen op de inbreng van de gesprekspartner(s);
- informatie, argument of mening in het gesprek inbrengen
1.2. 6de leerjaar
1.2.1. Muzische vorming
1.2.1.1. Domein overschrijdend
o Repertorium
· De leerlingen kunnen enkele kunststromingen en artistieke creaties verkennen.
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kunnen technieken/vaardigheden van de vijf muzische domeinen toepassen.
1.2.1.2. Beeld
o Bouwstenen
· De leerling kunnen met lijnstructuren en arcering een beeld maken.
· De leerlingen kunnen ruimte-innemende, ruimte doorstekende en ruimte-omvattende creaties maken.
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kennen de volgende begrippen: de optische illusie, beeldhouwen:
- het bister
1.2.2. Nederlands
1.2.2.1. Mondeling taalgebruik
o Spreken, presenteren en vertellen
· De leerling kan ideeën, gedachten en verworven inzichten gestructureerd formuleren.
o Mondelinge interactievaardigheden
· De leerlinge kan doelgericht genuanceerd deelnemen aan mondelinge interactievormen zoals dialoog, discussie en groepsgesprek en hierbij de volgende interactiestrategieën toepassen:
- voortbouwen op andermans ideeën;
- verbanden leggen tussen verschillende standpunten;
- argumenten bevragen en nuanceren
- met ondersteuning tot een conclusie komen
2. Oude einddoelen (ontwikkelingsdoelen & eindtermen)
2.1. 4de & 6de leerjaar (eindtermen)
2.1.1.Muzische vorming
2.1.1.1. Beeld
· De leerlingen kunnen door middel van kunst- en beeldbeschouwing een persoonlijk waardeoordeel ontwikkelen over beelden en beeldende kunst van vroeger, van nu en van verschillende culturen.
· De leerlingen kunnen door betasten en voelen (tactiel), door kijken en zien (visueel) impressies opdoen, verwerken en erover praten.
· De leerlingen kunnen plezier en voldoening vinden in het beeldend vormgeven en genieten van wat beeldend is vormgegeven.
· De leerlingen kunnen tactiele, visuele impressies, ervaringen, gevoelens en fantasieën op een beeldende manier weergeven.
2.1.1.2. Attitudes
· De leerlingen kunnen blijvend nieuwe dingen uit hun omgeving ontdekken.
· De leerlingen kunnen zonder vooroordelen naar kunst kijken en luisteren.
· De leerlingen kunnen genieten van het muzisch handelen waardoor hun expressiemogelijkheden verruimen.
· De leerlingen kunnen vertrouwen op hun eigen expressiemogelijkheden en durven hun creatieve uitingen tonen.
· De leerlingen kunnen respect betonen voor uitingen ven leeftijdsgenoten, behorend tot eigen en andere culturen.
2.1.2. Nederlands
2.1.2.1. Spreken
· De leerlingen kunnen (werkingsniveau = structureren) het gepaste taalregister hanteren als ze: vragen van de leerkracht in verband met een behandeld onderwerp beantwoorden.
· De leerlingen kunnen (verwerking niveau = structureren) het gepaste taalregister hanteren als ze: van een behandel onderwerp of een beleefd voorval een verbale/non-verbale interpretatie brengen, die begrepen wordt door leeftijdsgenoten.