Onderwijsdoelen Alebrijes
Onderwijsdoelen Alebrijes
1. Nieuwe einddoelen (minimumdoelen kleuteronderwijs, 4de & 6de leerjaar)
1.1. Kleuteronderwijs
1.1.1. Muzische vorming (na te streven minimumdoelen op populatieniveau)
1.1.1.1. Domein overschrijdend
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De kleuters kunnen technieken/vaardigheden van de vijf muzische domeinen verkennen.
· De kleuters kunnen vormgevingsmiddelen van de vijf muzische domeinen verkennen:
- muziek: de stem, het lied, de handtrom, de triangel, de tamboerijn, de fluit;
- beeld: het potlood, het penseel, de verf, de stempel, het tekenpapier;
- drama: de handpop, het toneel, de verkleedkleren, het masker;
- dans: de dans, de beweging, de kring, de rij;
- media: de (video)camera.
1.1.1.2. Beeld
o Bouwstenen
· De kleuters kennen de volgende begrippen: rood, geel, blauw, wit, grijs, zwart, groen, bruin, oranje, paars, licht, donker, rond, recht, gebogen, dik, dun, groot, klein, zacht, hard, ruw, glad, het patroon, de kunstenaar, de schilder, het schilderij.
· De kleuters kunnen verschillende texturen onderscheiden.
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De kleuters kennen de volgende begrippen: het potlood, het penseel, de verf, de stempel, het tekenpapier.
1.1.1.3. Drama
o Bouwstenen
· De kleuters kennen de volgende begrippen: verzinnen, de rol, het decor, het kostuum, de acteur.
· De kleuters kunnen eenvoudige rollen spelen.
· De kleuters kunnen het stemgebruik aanpassen in functie van de rol.
· De kleuters kunnen een eenvoudige speelruimte benutten.
1.1.2. Wetenschap en techniek
1.1.2.1. Organismen
o Classificatie van organismen
· De kleuters kennen de volgende begrippen met betrekking tot organismen: de fauna, de zoogdieren, de vogels, de vissen, de insecten, de flora.
· De kleuter kunnen:
- Organismen beschrijven op basis van waarneembare kenmerken;
- Fauna beschrijven op basis van voortplaningswijze
1.2. 4de Leerjaar
1.2.1. Attitudes (te bereiken minimumdoelen op populatieniveau)
1.2.1.1. Leerondersteunende vaardigheden
o Verantwoordelijkheid opnemen om tot optimaal leren te komen
· De leerlingen kunnen zelfstandig, in duo en in groep werken zonder storend gedrag te vertonen.
1.2.2. Muzische vorming (te bereiken minimumdoelen op populatieniveau)
1.2.2.1. Domein overschrijdend
o Repertorium
· De leerlingen kunnen enkele kunststromingen en artistieke creaties verkennen (muziek, beeld, drama, dans, media)
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kunnen technieken/vaardigheden van de vijf muzische domeinen gebruiken.
1.2.2.2. Beeld
o Bouwstenen
· De leerlingen kunnen figuren weergeven met omtreklijnen.
· De leerlingen kunnen stofuitdrukking in het beeldend werk weergeven.
1.2.2.3. Drama
o Bouwstenen
· De leerlingen kunnen zich inleven in een personage en de rol vasthouden.
· De leerlingen kunnen lichaamstaal gebruiken.
· De leerlingen kunnen op het juiste moment inspelen op de ander.
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kennen de volgende begrippen: het poppenspel, het schimmenspel.
- Woordenschat (richtinggevend): het tableau vivant
1.3. 6de Leerjaar
1.3.1. Attitudes (te bereiken minimumdoelen op populatieniveau)
1.3.1.1. Leerondersteunende vaardigheden
o Verantwoordelijkheid opnemen om tot optimaal leren te komen
· De leerlingen kunnen doorzettingsvermogen tonen om een opdracht tot een goed einde te brengen, ook als het moeilijk wordt.
· De leerlingen kunnen positief en met vertrouwen communiceren met leeftijdsgenoten en volwassenen.
· De leerlingen kunnen een toegewezen rol binnen een groepswerk doelgericht invullen.
1.3.2. Muzische vorming (te bereiken minimumdoelen op populatieniveau)
1.3.2.1. Domein overschrijdend
o Repertorium
· De leerlingen kunnen enkele kunststromingen en artistieke creaties verkennen (muziek, beeld, drama, dans, media)
o Vaardigheden en vormgevingsmiddelen
· De leerlingen kunnen technieken/vaardigheden van de vijf muzische domeinen toepassen.
1.3.2.2. Beeld
o Bouwstenen
· De leerlingen kunnen met lijnstructuren en arcering een beeld maken.
· De leerlingen kunnen ruimte-innemende, ruimte doorstekende en ruimte-omvattende creaties maken.
2. Oude einddoelen (ontwikkelingsdoelen & eindtermen)
2.1. Kleuteronderwijs (ontwikkelingsdoelen)
2.1.1. Wetenschap en techniek
2.1.1.1. Natuur
2.1.1.1.1. Levende en niet-levende natuur
· De kleuters kunnen organismen en gangbare materialen ordenen aan de hand van eenvoudige, zelf gevonden criteria.
2.1.2. Muzische vorming
2.1.2.1. Muzische vorming - Beeld
· De kleuters kunnen visuele waarneming en beeldend geheugen versterken en vergroten door beeldelementen te herkennen
· De kleuters kunnen verschillende beeldende, technische middelen aanwenden en samen gebruiken om tot beeldend werk te komen
· De kleuters kunnen impressies uiten in een persoonlijke, authentieke creatie en plezier scheppen in het zoeken en vinden
2.1.2.2. Muzische vorming - Drama
· De kleuters kunnen zich inleven in personages en dingen uit de omgeving en deze uitbeelden
· De kleuters kunnen met een creatief stem- en taalgebruik expressief reageren en belevenissen uitbeelden
2.1.2.3. Muzische vorming - Attitudes
· De kleuters kunnen openstaan voor nieuwe dingen uit hun omgeving
· De kleuters kunnen ervan genieten bezig te zijn met de dingen die hen omringen om hun expressiemogelijkheden te ontdekken
· De kleuters kunnen vertrouwen op hun expressiemogelijkheden en durven hun eigen expressie-stijl tonen
· De kleuters kunnen respect betonen voor uitingen van leeftijdgenoten, behorend tot de eigen en de andere culturen
· De kleuters kunnen genieten van de fantasie, de originaliteit, de creativiteit en de zelfexpressie in 'kunstwerken'
2.2. 4de & 6de leerjaar (eindtermen)
2.2.1. Muzische vorming
2.2.1.1. Muzische vorming - Beeld
· De leerlingen kunnen plezier en voldoening vinden in het beeldend vormgeven en genieten van wat beeldend is vormgegeven.
· De leerlingen kunnen beeldende problemen oplossen, technieken toepassen en gereedschappen en materialen hanteren om beeldend vorm te geven op een manier die hen voldoet.
· De leerlingen kunnen tactiele, visuele impressies, ervaringen, gevoelens en fantasieën op een beeldende manier weergeven.
2.2.1.2. Muzische vorming - Drama
· De leerlingen kunnen spelvormen waarnemen en inzien dat de juiste verhouding tussen woord en beweging de expressie kan vergroten.
· De leerlingen kunnen ervaringen, gevoelens, ideeën, fantasieën ... uiten in spel.
· De leerlingen kunnen een aan de speelsituatie aangepaste en aangename spreektechniek ontwikkelen (articulatie, adembeheersing, tempo, toonhoogte) en verschillende verbale en non-verbale spelvormen improviseren.
· De leerlingen kunnen genieten van, praten over en kritisch staan tegenover het eigen spel en dat van anderen, de keuze van spelvormen, onderwerpen, de beleving.
2.2.1.3. Muzische vorming - Attitudes
· De leerlingen kunnen blijvend nieuwe dingen uit hun omgeving ontdekken.
· De leerlingen kunnen zonder vooroordelen naar kunst kijken en luisteren.
· De leerlingen kunnen genieten van het muzisch handelen waardoor hun expressiemogelijkheden verruimen.
· De leerlingen kunnen vertrouwen op hun eigen expressiemogelijkheden en durven hun creatieve uitingen tonen.
· De leerlingen kunnen respect betonen voor uitingen van leeftijdgenoten, behorend tot eigen en andere culturen.
2.2.2. Sociale vaardigheden
2.2.2.1. Sociale vaardigheden – Domein samenwerking
· De leerlingen kunnen samenwerken met anderen, zonder onderscheid van sociale achtergrond, geslacht of etnische origine.